Soms heb je van die weken waarin alles gewoon… klopt. Niet overdreven spectaculair, niet hysterisch druk, maar precies goed. Zo’n week had ik dus. Eentje waarvan je achteraf denkt: hé, dit voelde eigenlijk een beetje als vakantie. Samen met mijn nieuwe liefde ben ik op pad gegaan om heel volwassen en cultureel “cultuur te snuiven”. Dat klinkt indrukwekkender dan het is, maar we deden ons best. We kwamen uiteindelijk uit bij Kasteel de Haar en ik moet toegeven: daar ben ik een klein beetje verliefd geworden. Op het kasteel dan. (Al helpt het gezelschap natuurlijk ook.) Alles daar ademt sfeer, geschiedenis en een soort rust waar je vanzelf langzamer van gaat lopen. Alsof je even in een andere wereld stapt eentje waar je geen haast hebt en je telefoon het liefst gewoon in je tas laat. En zoals dat gaat bij dit soort dagen, hoort daar ook eten bij. Veel eten. Lekkere plekjes, fijne wandelingen tussendoor en natuurlijk de klassieke terrasjes. Je weet wel, die waar je gezellig gaat zitten en pas bij het afrekenen denkt: “ah, dus we hebben net een kleine vakantie gefinancierd met twee drankjes en een bittergarnituur.” Maar goed, het hoorde bij de sfeer dat houd ik mezelf dan maar voor.